Bij de Vlaamse vier- tot zesjarigen is 9% van de jongens en 13% van de meisjes zwaarlijvig. De grootste oorzaak hiervan is dat kinderen bijna de hele dag zittend doorbrengen en ze in de klas en thuis te weinig bewegen.
Dit kan verholpen worden door meer bewegingstussendoortjes te doen en bewegingshoeken in te richten.
Ik ben hier een voorstander van, bewegingshoeken zijn heel leuk en je kan hier alle kanten mee uit gaan. Deze zorgen er niet alleen voor dat kinderen meer bewegen maar ook hun motoriek wordt hierdoor verder ontwikkeld.
Wat is nu juist een bewegingshoek?
Een bewegingshoek vind je niet vaak terug in kleuterklassen terwijl het een heel belangrijk iets is. Kleuters bewegen te weinig waardoor ze te zwaar worden. Heb je niet veel tijd voor turnlessen maak dan zeker een bewegingshoek aan, hierin kunnen de kleuters dan vrij bewegen tijdens het hoekenwerk. Je kan hier met allerlei materialen aan de slag: dozen, linten, rekkers, ballen,trampoline,matjes,…
Enkele voorbeelden van bewegingshoeken zijn:
Een balanceerhoek: een verzwaarde houten kist, waarop je een loopplank legt zodat de kleuter van boven naar beneden moet lopen op de plank.
Een kruiptunnel kan je maken op vele manieren, bv. door een een stevig en lang stuk karton in drie te vouwen en de einden aan elkaar te kleven. Voorzie in de tunnel ook kijkopeningen.
Een matrassenparcours: spring van matras tot matras.
Allerlei werp- en rolspelen, zoals kegels omrollen met een bal.
Dit is een heel handige tool in de kleuterklas, een extra voordeel is dat de kleuters ook niet meer zo actief zijn en je zelf op een rustige manier kan werken binnen de kringactiviteiten.


